Le Salaire de la Peur

In mijn vorige “column” verhaalde ik van mijn geofysisch veldwerk in Ethiopië en de 30 kilogram dynamiet die er na dat seismisch onderzoek nog ove/r was en teruggebracht moest worden naar Addis Ababa. Bij deze.

La salaire de la peur, 1953

De voorraad dynamiet, zo’n 100 kilogram in staven was door het Ethiopische leger op ons basiskamp ten westen van Asosa, dicht bij de Somalische grens keurig afgeleverd. Wat wij er mee zouden doen was voor de leveranciers van geen belang.

Voor ons, mijn Russische collega Yuri Kuznetsov (Univ. of Tashkent), de VN project manager Joe Kovacik (Univ. of Ottawa) en mij daarentegen wel. Het lokale klimaat, pakweg 40 graden gedurende de dag en 5 graden ‘s nachts is niet bepaald bevorderlijk voor de staven “Nobel grade 101” dynamiet die wij mochten ontvangen.

Yuri, met zijn leger-ervaring als explosieven-expert (was hij daarom geofysicus geworden?) had een oplossing: “een kelder waar de temperatuur gelijkmatig zou zijn, gedurende de dag en de nacht”.

De kelder werd gegraven, overdekt met balken en een halve meter aarde. Lokaal personeel deed de job in een dag, dankzij de dollars van Verenigde Naties. Het dynamiet werd opgeslagen.

Helaas niet gekoeld. Dat gaat niet met dagelijkse temperaturen van 40 graden, ook al is het ‘s ochtends vroeg erg fris.

Het resultaat van het seismisch onderzoek was dan ook dubieus. Een 12-kanaals ABEM seismometer gaf, met al die explosieven niet het gewenste resultaat, ondanks de voorgeschreven diepte die gehanteerd werd voor het explosief, eindeloze calibratie van de seismometer en alles wat daar bij hoort.

Wij waren helaas niet in staat om de diepte en het voorkomen van “dissiminated gold and magnetite” te bepalen en in kaart te brengen.

Het hielp natuurlijk ook niet dat de “shots” van verschillende sterkte waren, als gevolg van de kwaliteit van de dynamiet staven. Joe, Yuri en ik hebben, als gevolg van een en ander, dan ook flink wat tijd gestoken in het voorbereiden van het veldverslag en de officiële VN rapportage.

Al met al hebben we toen zo’n 50 kilo dynamiet verstookt, voordat we tot de conclusie kwamen dat verder seismisch onderzoek zinloos was. Een geïmproviseerde “valpijp” met een gewicht en vloerplaat wilde ook niet werken. Kortom seismisch onderzoek werd niet verder noodzakelijk geacht.

Uit frustratie hebben we toen besloten om wat dynamiet te gebruiken voor wat recreatievere doeleinden, zoals wat vuurwerk, het opblazen van een hinderlijke mierenhoop en de aanleg van een weg. Nou ja, een pad, waar een Landrover met moeite over heen kon rijden (de morfologie van het gebied was zacht glooiend met diep ingesneden wadi’s).

De resterende 30 kilo moest wel teruggebracht worden. En wel bij de leverancier, c.q. de leger instantie in Addis Ababa.

Als jongste bediende werd ik dus aangewezen om die taak op mij te nemen. Een transport over zo’n 750 kilometer, waarvan alleen de laatste 100 kilometer verhard waren en de eerste 100 kilometer over voornoemde paden te berijden waren.

Als voorzorg werd de aluminium kist, waarin de resterende dynamietstaven vervoerd werden, van een VN sticker voorzien en gelabeld als “camping gear”. Dit om controlerende militaire onderweg op een dwaalspoor te brengen. Er waren toen 5 controle posten tussen het veldwerkgebied ten NW van Asosa, bij de Sudanese grens en Addis Ababa, toenemend in strengheid.

Had ik een keus? Misschien wel. Maar als je collega (Yuri) en jouw chef (project manager Joe) je vertellen het de verantwoordelijkheid van het project was om de resterende explosieven te retourneren, dan heb je weinig keus. Althans niet in 1977.

Ter compensatie kreeg ik twee Ethiopische (veldwerk) “assistenten” mee. Zij spraken in ieder geval de taal, waar mijn Engels niet begrepen zou worden. Mijn “voorkomen” waarschijnlijk ook niet. Ethiopië was sowieso al verscheurd door burgeroorlog en frustratie.

Om 4 uur ‘s ochtends zijn we van start gegaan. De aluminium kist met dynamiet toch maar achteraan op het “roof-rack” gezet en de twee “assistenten” maar terloops verteld dat het inderdaad om kampeerspullen ging. Wat niet weet wat niet deert.

Na twee uur zweten over de “paden”, die we zelf hadden aangelegd, terwijl mijn “assistenten” hun slaap probeerden in te halen, bereikten we de “officiële”, onverharde weg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.